Nieuws


FedEC is blij met de beslissing dat het vereenvoudigd energielabel (VEL) gaat verdwijnen

13-07-2019

Voor 2015 was er één methodiek voor het berekenen van een Energielabel. Hierbij werd de opname op locatie uitgevoerd door een gekwalificeerde en gecertificeerde adviseur die grofweg 150 parameters verzamelde en daarmee het Energielabel vaststelde.

Vanaf 2015 werd het Vereenvoudigd EnergieLabel (VEL) geïntroduceerd, ook wel het doe-het-zelf energielabel genoemd. Het VEL is een uitgeklede variant waarbij het energielabel door de bewoner zelf wordt vastgesteld door zelf tien parameters in te vullen en hiervan maximaal enkele, door het systeem bepaalde, parameters laat controleren door een “erkend deskundige” op afstand. Daarnaast bleef de uitgebreidere methodiek bestaan die vooral nodig is bij verhuur, subsidie-, en hypotheekaanvragen.

Dit resulteerde er de afgelopen jaren in dat er twee soorten energielabels zijn afgegeven: Labels die met de eenvoudige methode tot stand zijn gekomen en labels die volgens de nauwkeurigere rekenmethode berekend zijn. Aan de buitenkant is niet af te lezen op welke manier een energielabel tot stand is gekomen.

Omdat het Energielabel een belangrijk vergelijkingsinstrument is, namelijk een instrument waarmee de eigenaar/bewoner van een huis kan zien hoe de energiezuinigheid van zijn/haar woning zich verhoudt tot een andere woning, is het van belang dat gegenereerde labels betrouwbaar zijn. Daarnaast is het een goed instrument om objectief de effecten van bepaalde energiebesparende maatregelen door te rekenen.

Het belangrijkste kritiekpunt van de FedEC is dat een vereenvoudigd energielabel te grof en daarmee onbetrouwbaar is. Er wordt onvoldoende onderscheid gemaakt tussen verschillende isolatiematerialen/installaties waardoor een woningeigenaar niet beloond wordt voor het toepassen van bovengemiddelde isolatiematerialen/installaties. Op basis van 10 parameters, die bovendien zelf door de woningeigenaar worden ingevuld, kan er geen betrouwbare berekening worden gemaakt.

Met de klimaatplannen staat Nederland voor een aanzienlijke uitdaging om de woningen te verduurzamen. Daarin passen betrouwbare, objectieve kwaliteitsadviezen en betrouwbare energielabels. Er dient onderscheid te worden gemaakt in de verschillend presterende installaties en isolatiematerialen. Op deze wijze wordt de markt gestimuleerd daadwerkelijk beter presterende installatiematerialen en isolatiematerialen aan te bieden en worden woningeigenaren gestimuleerd deze ook daadwerkelijk toe te passen.

Een energielabel volgens de gedetailleerde methodiek kost tussen de  € 125 en € 250, in verhouding tot de landen om ons heen laag!